Klasse en klassenstrijd: een inleiding

Er zijn verschillende manieren om over klasse te praten. Vaak wordt er aan klasse gerefereerd in de zin van sociologische en culturele labels. Bijvoorbeeld: middenklassers houden van arthouse-films, de werkende klasse houdt van voetbal, de bovenklasse houdt van Bentley's en dure wijnen, enzovoort.

Maar een andere manier om over klasse te praten, is gebaseerd op iemands economische positie. Dit is essentieel om te kunnen begrijpen hoe het kapitalistische systeem werkt en hoe we het kunnen veranderen. We willen benadrukken dat deze onderverdeling niet bedoeld is om mensen op te delen en in hokjes te stoppen, om hen hun individualiteit te ontnemen, maar om de krachten die onze wereld vorm geven te kunnen begrijpen. Om te kunnen begrijpen waarom bazen en politici steeds doen zoals ze doen, en wat wij kunnen doen om onze positie en omstandigheden te verbeteren.

Klasse en kapitalisme

Het economische systeem dat op dit moment de wereld domineert heet kapitalisme. Het kapitalisme is in essentie een systeem gebaseerd op de expansie van kapitaal. Met goederen en geld worden meer goederen en meer geld gecreëerd. Dit gebeurt niet door tovenarij, dit gebeurt door menselijke arbeid. Van wat we produceren krijgen we maar een fractie uitbetaald. Het verschil tussen de waarde die we produceren en de waarde die we krijgen uitbetaald heet dus 'meerwaarde'. Deze meerwaarde wordt door onze bazen gehouden als winst en ofwel geïnvesteerd om nog meer geld te kunnen genereren, danwel besteed aan een zwembad, een bontjas, een auto, of wat dan ook.

Voor dit systeem is het noodzakelijk dat er mensen zijn die niets bezitten waarmee ze geld kunnen genereren. Die mensen moeten hun vermogen om te kunnen werken gaan verkopen om zo toch aan de essentiële bestaansmiddelen te kunnen komen. Dit is de werkende klasse.

Dus aan het ene kant heb je de klasse die niets anders te verkopen heeft dan haar vermogen om te werken. Aan de ander kant heb je mensen die kapitaal bezitten en werkers inhuren om hun kapitaal te kunnen uitbreiden. Praktisch alle individuen in de samenleving vallen ergens tussen deze polen. Maar van een politiek standpunt bezien is niet zozeer de positie van een bepaald individu in de maatschappij interessant, maar stand van de relatie tussen de klassen.

De werkende klasse

De werkende klasse, het 'proletariaat', is dus de klasse die gedwongen wordt te werken voor loon of, als we geen werk kunnen vinden of te oud of te ziek zijn om te kunnen werken, een uitkering moeten aanvragen om te kunnen overleven. Wij verkopen onze tijd en energie aan de bazen, zij profiteren ervan.

Ons werk is de basis van deze maatschappij. De zwakke plek van dit systeem is dat deze maatschappij alleen kan bestaan door het werk dat wij doen, terwijl die maatschappij ons tegelijkertijd uitknijpt om winst te maximaliseren.

Klassenstrijd

Op het werk zijn onze tijd en activiteiten niet van onszelf. We zijn gehoorzaam aan wekkers, prikklokken en managers, deadlines en targets. Zelfs als we een deel van het werk leuk vinden, ervaren we het als vervreemd van ons, als iets waarover we weinig controle hebben. Dit geldt zowel voor het werk zelf, als voor de werktijden, de pauzes, het salaris, de vakanties, etc. Omdat het werk ons wordt opgedrongen, gaan we ons er tegen verzetten.

Werkgevers en bazen willen dat we zoveel mogelijk werken tegen zo min mogelijk loon. Wij daarentegen, willen niet overwerkt raken, we willen meer vakantie, we willen in staat zijn om van het leven te genieten, we willen minder werken en meer geld.

Deze tegenstelling is de spil van het kapitalisme. Tussen de twee kanten wordt er geduwd en getrokken. Werkgevers verlagen het loon en verhogen het werktempo. Maar wij verzetten ons, onopvallend en individueel: door het rustig aan te doen, door een moment te nemen om met collega's te praten, door ons ziek te melden, door iets vroeger te vertrekken. Of openlijk en collectief: door te staken, langzaam-aan-acties, bezettingen enzovoort.

Dit is de klassenstrijd. Het conflict tussen mensen als wij, die moeten werken voor loon, en werkgevers en overheden die ook wel de kapitalistische klasse of de 'bourgeoisie' worden genoemd.

Door ons te verzetten tegen de werklast zeggen we dat onze levens belangrijker zijn dan de winst van de baas. Dit is een aanval op de essentie van het kapitalisme waarin winst de belangrijkste reden is om wat dan ook te doen. Dit wijst namelijk naar de mogelijkheid om dingen om een andere reden te doen dan voor winst, naar een wereld waarin er geen klasse of privé-eigendom van productiemiddelen bestaan. Wij als werkende klasse verzetten ons tegen het bestaan van onze klasse. Wij zijn de werkende klasse die strijden tegen werk en klasse.

Buiten het werk

De klassenstrijd vindt niet alleen plaats op de werkplek. Het klassenconflict speelt in heel veel aspecten van ons leven.

Betaalbaar wonen bijvoorbeeld, is iets dat alle werkende mensen aangaat. Maar betaalbaar voor ons, betekent: niet winstgevend, voor hen. In een kapitalistische economie is het logischer om luxe appartementen te bouwen terwijl tienduizenden mensen dakloos zijn, dan om voor ons betaalbare woningen te bouwen. De strijd om sociale huur te behouden of het kraken en in gebruik nemen van leegstaande panden, zijn deel van de klassenstrijd.

De strijd voor toegankelijke gezondheidszorg is net zo goed deel van de klassenstrijd. Bedrijven en overheden proberen hun kosten te verminderen door in de budgetten voor gezondheidszorg te snijden en de werkende klasse te laten opdraaien voor de kosten. Maar wij willen de beste gezondheidszorg tegen zo laag mogelijke kosten.

De 'middenklasse'

Terwijl de economische belangen van de kapitalisten direct tegenstrijdig zijn aan die van de werkers is er een minderheid van de werkende klasse aan te wijzen die het beter heeft dan de anderen en die soms zelfs enige mate van macht heeft over de rest. Als we het over geschiedenis en sociale veranderingen hebben kan het nuttig zijn om naar dit deel van het proletariaat te refereren als de 'middenklasse' om zo het gedrag van de verschillende groepen te verklaren, ondanks het feit dat dit niet een aparte economische klasse is.

De klassenstrijd wordt vaak ontregeld door de uitbreiding of creatie van een middenklasse. In Groot-Brittannië, tijdens de grote sociale strijd van de jaren tachtig onder Margaret Thatcher, en in Nederland onder de opeenvolgende Paarse kabinetten in de jaren negentig, werden sociale woningen goedkoop verkocht en werd huiseigenaarschap gepromoot, wetende dat werkers minder geneigd zijn tot staken als ze een hypotheeklast hebben. Om ervoor te zorgen dat sommige werkers het individueel beter kregen in plaats van alle werkers gemeenschappelijk. In Toen in Zuid Afrika apartheid omver geworpen werd, hielp de creatie van een zwarte middenklasse om daar de arbeidersstrijd te bezweren. Er werd een beperkte sociale mobiliteit toegestaan waarmee sommige zwarte werkers een belang in het systeem kregen, maar waardoor de positie van de meerderheid van de werkers nog steeds niet veel verschilt van die onder apartheid.

Bazen proberen op allerlei manieren de werkende klasse zowel materieel en psychologisch te verdelen. Bijvoorbeeld door onderscheid te maken in salarissen en professionele status en op basis van ras, nationaliteit en gender.

Voor de duidelijkheid is het goed om nog eens te zeggen dat we deze klasse definitie gebruiken om zo de sociale krachten te kunnen begrijpen die aan het werk zijn in deze maatschappij, niet om individuen te labelen of om te voorspellen hoe verschillende mensen zullen reageren in een bepaalde situaties.

Conclusie

Als we het hebben over klasse in politieke zin dan hebben we het er dus niet over hoe iemand gekleed gaat, of hij of zij bekakt of plat praat. Dan hebben we het over het fundamentele conflict dat het kapitalisme definieert. Wij die werken voor ons bestaan of zij die profiteren van het werk dat wij doen. Door samen te vechten voor onze belangen en behoeftes tegen de dictatuur van markt en kapitaal, leggen we de basis voor een nieuwe maatschappij, een maatschappij waarin geproduceerd wordt naar behoefte in plaats van voor winst.

Verder lezen:

- Werk Gemeenschap Politiek Oorlog - prole.info - een uitstekende geïllustreerde inleiding tot kapitalisme en anti-kapitalisme. (NL)
- Strata in the working class - Martin Glaberman - goede analyse over de verdelingen binnen de werkende klasse. (EN)
- The Working Class and Social Change - Martin Glaberman - nog een goed artikel van Glaberman over klassenbewustzijn an actie. (EN)
- Capitalism and communism - Gilles Dauvé - een meer gedetailleerde geschiedenis en analyse van het kapitalisme en diens antithese, het communisme. (EN)

Bron vertaling:
http://www.agamsterdam.org/wp-content/uploads/2010/06/Voor-Dummies-DEF-PDF.pdf