Libertair communisme: een inleiding

Een arbeidersvergadering bij de Zanon-fabriek in Argentinië

Een korte inleiding over wat we bij libcom.org bedoelen met communisme of libertair communisme, wat het is en waarom we het een goed idee vinden.

Inleiding

Als we het hebben over communisme bedoelen we daarmee twee dingen. Ten eerste: een manier om de maatschappij te organiseren op basis van het uitgangspunt 'van ieder naar vermogen, voor ieder naar behoefte', en ten tweede, de werkelijke beweging, in de wereld van nu, in de richting van zo'n maatschappij. In deze inleiding richten we ons op deze twee kanten, te beginnen met de tweede, minder bekende kant.

De werkelijke beweging

In onze inleiding over het kapitalisme beschrijven we de kapitalistische economie en leggen we uit hoe de behoeften van kapitaal - aan winst en accumulatie - tegengesteld zijn aan onze behoeften als werkende mensen.

Werkgevers proberen lonen terug te dringen, pensioenlasten te verlagen, banen te schrappen, werktijden te verlengen, productiedoelen op te schroeven en schade aan de leefomgeving af te wentelen. Wanneer het mogelijk is, verzetten we ons daartegen omdat de leefomstandigheden in deze economie ons ertoe brengen om onze belangen voorop te plaatsen tegenover die van kapitaal.

Dus wanneer we dit doen: wanneer we samenwerken, directe actie ondernemen en solidariteit op de been brengen om onze behoeften aan te kaarten, zoals bij het organiseren van een staking of stiptheidsactie tegen loonsverlagingen of hogere werklasten, dan leggen we daarmee een basis voor een nieuw type maatschappij.

Een maatschappij gebaseerd op samenwerking, solidariteit en de bevrediging van menselijke behoeften - een communistische maatschappij.

Communisme als beweging, is daarom een altijd aanwezige trend of onderstroom van samenwerking, wederzijdse hulp, directe actie en verzet van de werkende klasse in de kapitalistische samenleving.

Soms wordt deze onderstroom een massaal verschijnsel die enorme aantallen werkende mensen omvat, in massale golven van sociale onrust en strijd op werkvloer, zoals bijvoorbeeld gebeurde tijdens de Amerikaanse wilde stakingsbeweging van na de Tweede Wereldoorlog, de Italiaanse hete herfst van 1969 of de Britse 'Winter of Discontent' van 1978 of in het verzet tegen neoliberale bezuinigingen in Griekenland sinds 2010.

Soms mondt deze sociale onrust zelfs uit in explosieve revolutionaire gebeurtenissen. Bijvoorbeeld in Parijs in 1871, Rusland in 1917, Italië tussen 1919 en 1920, in de Oekraïne in 1921, Spanje in 1936 en Hongarije 1956. Dit zijn slechts een paar voorbeelden waarbij de werkende klasse probeerde via collectieve actie de maatschappij om te vormen, voor hun eigen opvatting van hun belangen, in plaats van de belangen van bazen en eigenaars.

Van ieder naar behoefte...

Er is geen gebrek in deze wereld aan politici of politieke groepen die beweren dat ze kant-en-klare blauwdrukken hebben voor een eerlijker wereld. Maar communisme is niet iets dat per decreet ingevoerd kan worden door partijen of individuele politici, maar in plaats daarvan iets dat gemaakt moet worden door massale directe participatie en experiment door ons zelf.

Het is daarom waardevol om hier vast te stellen dat communisme zo opgevat niets gemeenschappelijk heeft met de voormalige Sovjetunie of het hedendaagse Cuba of Noord-Korea. Dat zijn in essentie kapitalistische maatschappijen waarbij formeel één enkele kapitalist de richting uitzet: de staat. Ook heeft dit communisme niets te maken met China, waar de heersende partij zichzelf 'communistisch' noemt terwijl ze leiding geeft aan een van de meest succesvolle kapitalistische landen ter wereld.

In verschillende revolutionaire historische gebeurtenissen (waarvan er een paar genoemd zijn) is door de werkende klasse in concreto geëxperimenteerd met verschillende aspecten van een praktisch werkend communisme. Zodoende hebben ze principes neergelegd voor hoe een communistische maatschappij georganiseerd kan worden, en voorbeelden gegeven wat er mogelijk is als we samenwerken voor onze belangen als klasse.

Zonder bazen

In plaats van eigendom of controle over productiemiddelen - land, fabrieken, kantoren enzovoort - die in handen zijn van privépersonen of van de staat, is een communistische maatschappij gebaseerd op het gemeenschappelijke eigendom en gebruik van die middelen. En in plaats van productie voor ruil en winst, betekent communisme productie voor menselijke behoeften, waaronder de behoefte aan een veilige leefomgeving.

Ook nu zijn het werkende mensen die alles produceren, de diensten draaiend houden die voor het maatschappelijk leven nodig zijn. We leggen wegen, bouwen huizen, besturen treinen, zorgen voor de zieken, voeden kinderen op, produceren voedsel, ontwerpen producten, maken kleren en leiden de volgende generatie op.

Een gemiddelde werknemer weet ook dat bazen daarbij vaak meer hinder opleveren dan dat ze helpen.

Vele voorbeelden laten zien dat arbeiders zelf effectief werkplekken kunnen besturen, en zelfs beter dan in hiërarchische verhoudingen haalbaar is.

Een recent voorbeeld zijn de fabrieken die tijdens de opstand van 2001 in Argentinië, toen eenderde van de industrie van het land onder zelfbestuur van het personeel kwam. Er zijn gevallen waar dit op nog grotere schaal gebeurde.

Bijvoorbeeld tijdens de Spaanse burgeroorlog in 1936 toen de meerderheid van de bedrijfstakken in het revolutionaire Spanje in handen waren van en collectief beheerd werden door arbeiders zelf. Waar het mogelijk was, in enkele gebieden, stuwden arbeiders de beweging verder richting communisme, door geld op te heffen of de distributie van niet-schaarse goederen gratis te maken.

In Seattle werd in 1919 tijdens een algemene staking de stad overgenomen en bestuurd door arbeiders. In Rusland in 1917 namen arbeiders de fabrieken over, voordat de bolsjewieken de autoriteit van bazen herstelden.

Zonder loonarbeid

Communisme betekent ook een maatschappij zonder geld waar onze activiteiten - en de producten daarvan - niet langer de vorm aannemen van dingen die te koop zijn.

Het eerste punt van twijfel dat veel mensen voelen bij de vraag of een communistische maatschappij kan bestaan, is of mensen voldoende kunnen voortbrengen, om te kunnen leven zonder de impliciete dreiging van armoede, die aan loonarbeid ten grondslag ligt.

Er is echter bewijs te over dat we geen dreigende ellende of verhongering nodig hebben om ons in te spannen en productief te willen zijn.

Tijdens het overgrote deel van de menselijke geschiedenis was er geen sprake van geldverhoudingen of loonarbeid, maar bij de noodzakelijke taken werd al die tijd zeker niet verzaakt.

In maatschappijen van jagers en verzamelaars, bijvoorbeeld, die overwegend vredig en egalitair waren, was er geen sprake van onderscheid tussen spel en werk.

Zelfs vandaag worden er enorme hoeveelheden werk verricht zonder tegenprestatie. In Groot-Brittanië, bijvoorbeeld, verrichten mensen (veelal vrouwen) naast hun uren betaald werk ook meer dan drie uur per dag onbetaald huiselijk werk. Daarbovenop doet 10 procent van de mensen ook onbetaalde zorgarbeid en verricht 25% van de bevolking minstens één keer per maand vrijwillig werk. Mondiaal droeg onbetaald werk in 2011 in waarde naar schatting 11 miljard per jaar bij aan de wereldeconomie.

Bijna elke soort nuttig werk die je kunt bedenken wordt ook door mensen gedaan zonder beloning, niet als werk voor een loon, wat laat zien dat lonen er geen noodzakelijke voorwaarde voor zijn. Het produceren van voedsel, zorgen voor kinderen, muziek maken, auto's repareren, de vloer vegen, met mensen praten over hun problemen, zorgen voor zieken, computers programmeren, kleren maken, producten ontwerpen... de lijst is eindeloos.

Daarnaast wijzen studies uit dat bij complexe taken geldelijke beloning helemaal geen adequate drijfveer is voor kwalitatief goed werk. Mensen die vrijheid en zeggenschap hebben om te doen wat ze willen en hoe ze willen, en wiens activiteit een constructieve, sociaal zinnige reden heeft, blijken het best gemotiveerd.

Een voorbeeld als de beweging voor vrije software laat zien hoe non-hiërarchische, collectieve zelforganisatie voor een sociaal nuttig doel superieur kan zijn aan hiërarchische winstgerichte modellen, en dat mensen geen loon nodig hebben om tot nuttige activiteit te komen.

Zonder het winstmotief zal een technologische verbetering waardoor een arbeidsproces efficiënter wordt, in plaats van mensen werkloos te maken en de rest harder te laten werken (zoals nu de regel is), zorgen dat we allemaal simpelweg korter kunnen werken en meer besteedbare tijd hebben. Zie ook onze inleiding over werk voor meer.

Zonder een staat

In onze inleiding over de staat definiëren we deze als "een organisatie die gecontroleerd en bestuurd wordt door een kleine minderheid... met de mogelijkheid om binnen een gegeven gebied politieke en wettelijke besluiten uit te vaardigen en deze zo nodig met geweld ten uitvoer te brengen".

Zonder een tegenstelling tussen werkgevers en arbeiders, tussen rijk en arm, is er niet langer een bestaansreden voor een gewapende macht, in handen van een klein aantal mensen, zoals de politie, om het eigendom van bezitters te beschermen en armoede, loonarbeid en zelfs honger in stand te houden voor allen die daar niet bij horen. Zonder noodzaak om kapitaal te accumuleren of winst te maken is er geen noodzaak om legers op de been te houden om markten en grondstoffen tegen concurrenten te beschermen.

Natuurlijk zal er nog wel een behoefte zijn om de bevolking te beschermen tegen antisociale of gewelddadige personen. Maar dit kan gedaan worden op een gelokaliseerde en democratische manier, door een instelling die bestaat uit roterende en herroepbare leden met een specifiek mandaat, in plaats van door een verantwoordingsloze politiemacht wiens geweldsdaden en zelfs moorden bijna altijd ongestraft blijven.

Om tot collectieve besluitvorming te komen, stellen we in plaats van "representatieve democratie" (die momenteel in de meeste landen het geldende model is) een directe democratie voor. Echte democratie is meer dan het recht om een handvol (vaak vermogende) individuen te kiezen die een paar jaar lang uit naam van ons politieke besluiten nemen, terwijl andere beslissingen aan elke verantwoording onttrokken worden doordat ze genomen worden in de raden van bestuur van bedrijven, die de "tirannie van de markt" volgen.

We kunnen zelf onze strijd vormgeven, in groepen op de werkplek, tot gemeenschapsvergaderingen, en we kunnen ons zo organiseren om op grotere geografische schaalniveau's allerlei zaken te coördineren, met de communicatiemiddelen van nu of met arbeidersraden die werken met gemandateerde, herroepbare afgevaardigden.

Op dezelfde manier als we onze strijd kunnen vormgeven, kunnen we op termijn ook de maatschappij organiseren, zoals de werkende klasse al op eerdere momenten gedaan heeft. Bijvoorbeeld, tijdens de Hongaarse opstand van 1956 werden er arbeidersraden opgezet om het maatschappelijke leven voort te zetten terwijl arbeiders een socialisme eisten op basis van arbeidersdemocratie. Recenter wordt de regio Chiapas in Mexico onafhankelijk van de staat bestuurd door een directe democratie zonder leiders, met een model waarbij 'ambtenaren' een ambtstermijn hebben van slechts twee weken en zo in constante roulatie hun werk doen.

Conclusie

Veel mensen vinden dat communisme wel klinkt als een goed idee, maar betwijfelen of het in de praktijk zou werken. Misschien is het goed om eerst te vragen: "werkt het kapitalisme eigenlijk wel?"

Terwijl miljarden mensen in ellendige armoede leven te midden van onvoorstelbare rijkdom, en we hard afgaan op een ecologische ramp, denken we dat het antwoord een helder "nee" is. Hoewel geen enkel systeem ooit perfect kan zijn, geloven we dat er ruimschoots bewijs bestaat dat een communistische maatschappij voor de meerderheid van de mensen beter zou werken dan de huidige kapitalistische - inclusief "de rijken" die ondanks het fortuin van kapitaalbezit ongelukkig zijn.

Een communistische maatschappij zal beslist niet een maatschappij zonder problemen zijn. Maar het zou de grote problemen waar we momenteel mee worstelen beter oplosbaar maken, zoals wijdverbreide armoede en ecologische verwoesting, zodat we de middelen hebben om meer interessante problemen aan te pakken.

In plaats van de constante drang naar meer werk, productie en accumulatie, kunnen we ons richten op hoe we juist collectief minder kunnen werken, of hoe het werk dat wel gedaan moet worden zinniger kan worden, hoe we meer plezier, geluk en vreugde kunnen voortbrengen.

In plaats van het maatschappelijke succes af te meten aan het BNP, kunnen we het meten naar geluk/welzijn. Anders dan ons tot elkaar te verhouden als 'personeel', 'klanten', 'toezichthouders' of 'concurrenten' kunnen we ons tot elkaar verhouden als mensen.

Wij die dit lezen en schrijven zullen mogelijk nooit een volledig ontwikkelde libertair communistische maatschappij meemaken. Maar zelfs dan is communisme de werkelijke beweging - het alledaagse gevecht waarin we onze behoeften voorop stellen tegen die van kapitaal - die ons leven in het hier en nu verbetert, betere kansen geeft om onze leef- en werkomstandigheden te verbeteren en tegelijk dient om de planeet, onszelf en toekomstige generaties te beschermen. "Communisme" als het alledaagse gevecht om onze reële bestaansvoorwaarden te verdedigen en verbeteren is wat het fundament legt voor communisme als een vrije en gelijke maatschappij.

In andere tijden en op andere plekken werd deze beweging wel 'anarchistisch communisme' genoemd, 'libertair communisme' of simpelweg 'socialisme' of 'communisme'. Wat van belang is, is echter niet de naam of het ideologische label maar het bestaan ervan als niet slechts een toekomstideaal maar als de reële vorm van behoeften, verlangens en onze alledaagse geest van verzet. Dit heeft altijd bestaan, in elke historische maatschappij waar onrechtvaardigheid of uitbuiting deel van zijn; hetzelfde geldt daarom voor de mogelijkheid voor een wereld gebaseerd op vrijheid en gelijkheid voor allen.

Meer informatie (in het Engels)

Comments

Steven.
Feb 8 2017 23:32

This is fantastic thanks guys!